Op weg naar een moeilijk gesprek nodigde ik mijn 6-jarige zelf uit op de bijrijdersstoel. Door haar te zien in haar spanning en haar te geven wat ze nodig had, kon ik als volwassene het gesprek voeren. In deze blog lees je hoe werken met je innerlijke kind je meer stevigheid, vrijheid en vertrouwen kan geven.
Het was een zonnige dag in april 2026. Ik zat in de auto en reed op de A12. Van Rotterdam naar Amersfoort. Onderweg naar een belangrijk gesprek waar ik naar uitkeek, omdat het een nieuwe weg voor me vrijmaakte. En waar ik ontzettende tegen opkeek, omdat ik wist dat ik mijn gesprekspartner slecht nieuws ging brengen.
Terwijl ik over de snelweg reed, keek ik naast me naar de lege bijrijdersstoel. Of was hij toch niet leeg?
Ik wist dat er iemand naast me zat, iemand die me heel dierbaar is. Iemand die deze meeting met me in zou gaan en ook weer met me mee naar huis zou rijden.
Ze zat op haar nagels te bijten. Van spanning.
Omdat ze wist dat het een lastig gesprek zou worden en ze de ander niet teleur wil stellen. Terwijl dat precies was wat we gingen doen.
Ik koos ervoor om haar de ruimte geven, omdat het een spannend gesprek was. Een mijlpaal, een keuzemoment en het begin van een afscheid.
Én ik koos ervoor om haar de ruimte geven, zodat zij het gesprek niet zou overnemen.
Zodat ik, als volwassene, dit gesprek kon voeren.
Ik reed die dag naar het hoofdkantoor van het bedrijf waar ik toen werkte als teamleider. Om mijn leidinggevende te vertellen dat ik mijn baan op wilde zeggen. Ik vond het belangrijk om dit op een heldere manier over te brengen. Eerlijk, dankbaar voor mijn tijd daar en met goede afspraken over de afronding voor beide kanten.
En degene op de bijrijdersstoel?
Zij was een 6-jarig meisje. Een jongere versie van mezelf. Ik vroeg haar wat zij op dat moment nodig had.
En dat was dit:
Ze wilde gezien worden in de spanning die ze voelde en de behoefte om de ander tevreden te houden. En ze wilde horen dat het ok was. Dat ik een weloverwogen keuze maakte die helemaal in lijn was met het volgen van mijn (en haar) plezier. En dat ze erop kon vertrouwen dat ik dit goed voorbereid had.
Ze wilde weten dat ze veilig was.
Ik weet nog dat ik terugreed en een vriendin belde. Blij met hoe de ontmoeting was verlopen. Het was geen gemakkelijk gesprek, maar ik had wel kunnen delen wat ik wilde en goede afspraken kunnen maken. Bovenal, ik was heel dicht bij mezelf gebleven.
En dat was voor mij het allerbelangrijkste.
Door deze 6 jarige Layla een plekje op mijn bijrijdersstoel te geven, kon ik zelf aan het stuur blijven in het gesprek.
Een groot deel van onze vorming gebeurt al in onze eerste zevenlevensjaren en zelfs al in de buik bij je moeder. De ervaringen en emoties van die tijd blijven in je lichaam en je geheugen opgeslagen. Soms weet je dat nog, maar vaak kun je je dat niet meer bewust herinneren.
Je innerlijke kindsdelen zijn delen van jou die je altijd met je meedraagt. Delen die gehoord of gezien willen worden. Delen die regelmatig het stuur van ons overnemen, bij ons allemaal!
Zij is verbonden aan jouw kern, jouw levensvreugde, creativiteit en speelsheid. Lichamelijk is ze diep verbonden met je hart. We noemen dat het vrije deel van het innerlijke kind - het vrije deel in jou.
Regelmatig verliezen we haar uit het oog als we opgroeien, terwijl hier je goud zit. Zij vertegenwoordigt namelijk ook jouw natuurlijke kwaliteiten, interesses en passies.
Iedere keer als je vanuit pijn reageert of getriggerd raakt, is er een grote kans dat dat te maken heeft met het aangepaste of gekwetste kindsdeel in jezelf, dat om jouw aandacht vraagt. Onderdrukte emoties die opgeslagen zitten in je lichaam en die niet gezien, gehoord of geuit zijn. Omdat het op dat moment niet mocht, te veel voor je was of niet veilig voelde. Op die manier ontstaan overlevingsmechanismen en belemmerende overtuigingen. Je vervalt dan in een patroon wat je heel goed kent. Een coping mechanisme (fight, flight, freeze of fawn) wat je ooit diende.
Maar nu niet meer.
We hebben allemaal deze verschillende delen van het innerlijke kind in ons. Door een band met dit deel van jezelf op te bouwen, kun je je eigen welzijn en je gevoel van veiligheid in allerlei situaties vergroten. Het geeft je ook meer stevigheid, stevigheid om je eigen plek in te nemen en je eigen pad te bewandelen.
Werken met je innerlijk kind gaat over het bewust contact maken met deze delen in jezelf. Je verbinden met je innerlijke kind en voeden wat het nodig heeft. Je kunt hiermee zelf aan het kleine meisje in jou geven wat ze vroeger gemist heeft. Het mooie is: jij weet uiteindelijk het allerbeste wat zij nodig heeft.
Aan de ene kant vraagt dit van jou om er te zijn voor het aangepaste of gekwetste deel in jou.
Je kan dit zien als een innerlijke volwassene of ouder in jezelf aanwakkeren, zodat die voor dit kind in jou kan zorgen.
Door in te checken met wat zij nodig heeft, zowel op het moment als zij getriggerd wordt, als in het algemeen. Dit vraagt aandacht, oefening en tijd en hoeft niet allemaal in een keer goed te gaan. Je mag hierin groeien en jezelf als volwassene of ouder voor dit deel gaan ontwikkelen.
Aan de andere kant gaat dit over jouw vrije deel de ruimte geven.
Dat is eigenlijk heel simpel, maar niet vanzelfsprekend. We zijn dit als volwassene nog wel eens verleerd.
Door te spelen, plezier te maken en je te laten leiden door wat je leuk vindt.
Is er een moment waar jij tegenop kijkt de komende tijd? Een moment waarin het belangrijk voor je is om bij jezelf te blijven, maar je weet dat dat een uitdaging gaat zijn?
Nodig een jongere versie van jezelf eens uit (in gedachte). Geef haar letterlijk een plek. Aan tafel, op de bank of in de auto.
Vraag haar eens:
Vertrouw hierin je eerste ingevingen. Misschien zijn het woorden of beelden, geeft het je een bepaald gevoel of word je aandacht ergens door gegrepen. Het kan ook fijn zijn om haar deze vragen te stellen op papier en de antwoorden in je op te laten komen.
Laat je verwonderen over wat je ontvangt.